Auteur: Henk Tennekes

  • Wilde bijen worden uitgeroeid door neonicotinoïden

    Wilde bijen worden uitgeroeid door neonicotinoïden

    Wilde bijen verdwijnen waar boeren hun gewassen behandelen met de populaire insectenverdelgers neonicotinoïden. Dat maakten Britse ecologen dinsdag bekend in wetenschappelijk tijdschrift Nature Communications. Het is voor het eerst dat de lange-termijnschade van dit landbouwgif in kaart is gebracht. In kortdurende veldproeven was al aangetoond dat de neonicotinoïden schadelijk waren voor bijen. Neonicotinoïden zijn nicotine-achtige pesticiden. Imidacloprid is het bekendste en meest gebruikte van dit type middelen. Bijen gaan niet direct dood aan deze stoffen, maar worden bijvoorbeeld minder vruchtbaar. Over de schadelijke gevolgen van neonicotinoïden voor insecten wordt al lang gediscussieerd. In 2013 kondigde de Europese Unie een gedeeltelijk moratorium af op het gebruik van neonicotinoïden.

    De Britse ecologen bestudeerden koolzaadvelden die al dan niet met neonicotinoïden waren behandeld. Die gegevens correleerden ze met bijentellingen van vrijwilligers die tussen 1994 en 2011 zijn uitgevoerd. Zij turfden 62 wilde bijensoorten. Lokaal namen de aantallen wilde bijen af bij velden waar neonicotinoïoden werden gebruikt. Dat gold vooral voor bijen die deels afhankelijk zijn van het stuifmeel van koolzaad. Zes soorten verdwenen zelfs helemaal, uit meer dan 20 procent van de onderzochte gebieden. Dat waren bijvoorbeeld de slanke groefbij en de slakkenhuisbij. Landelijk stierf geen enkele bij uit. De wilde bijen gingen het hardst achteruit in de buurt van velden waar het koolzaad al als zaad met pesticiden was behandeld. Als de stof op het blad werd aangebracht, waren de gevolgen minder ernstig.

    Bron: NRC, 17-08-16
    https://www.nrc.nl/nieuws/2016/08/17/bijen-verband-aangetoond-tussen-landbouwgif-en-verdwijnen-bijen-3813674-a1516689

  • Rachel Carson’s Silent Spring sounded the alarm. The problem hasn’t gone away, it’s only intensified

    Rachel Carson’s Silent Spring sounded the alarm. The problem hasn’t gone away, it’s only intensified

    Despite a steady rise in the manufacture and release of synthetic chemicals, research on the ecological effects of pharmaceuticals, pesticides, and industrial chemicals is severely lacking. This blind spot undermines efforts to address global change and achieve sustainability goals. So reports a new study in Frontiers in Ecology and the Environment. Emma J. Rosi , a freshwater ecologist at the Cary Institute and a co-author on the paper, explains, “To date, global change assessments have ignored synthetic chemical pollution. Yet these chemicals are increasing at a rate that is on par, or more rapid, than other agents of global change, such as CO2 emissions or nutrient pollution.”

    The study’s team assessed global trends in synthetic chemical pollution since the 1970s and compared results to other drivers of global change. Then they surveyed leading ecological journals, U.S. ecological meeting presentations, and National Science Foundation grants for research on synthetic chemicals. Less than 1% of the journal articles, 1.3% of the presentations, and 0.01% of the NSF grants explored the environmental effects or fate of these chemicals.

    Author Emily S. Bernhardt , professor of biogeochemistry at Duke’s Nicholas School of the Environment, comments, “Research on the ecological impacts of synthetic chemical pollution has been static since the 1970s. But our portfolio of these manufactured chemicals keeps growing – with more than 80,000 now in use commercially. This knowledge gap is becoming a chasm, with real consequences for ecological health.”

    Synthetic chemicals meet the criteria set out by the Millennium Ecosystem Assessment to define agents of global change: they are globally distributed, they increase in relation to human populations and economic growth, and they have known impacts on organisms. Yet they have largely remained below the radar of global assessments.

    Pesticides, pharmaceuticals, and industrial chemicals can leave long-term toxic legacies that ripple through ecosystems. Traditional ecotoxicology, done in laboratory settings on individual chemicals, bears little resemblance to the behavior of these compounds in nature. Some accumulate in food webs; others become more toxic due to reactions with chemicals already in the environment or through transformations by organisms or sunlight.

    Co-author Mark O. Gessner of Germany’s Leibniz Institute of Freshwater Ecology and Inland Fisheries (IGB) explains, “Identifying the environmental threat of synthetic chemicals as a whole relies on new concepts and greatly intensified research. At present there is grossly insufficient information to assess the environmental impact of the wide variety of synthetic chemicals in use today, particularly when it comes to effects at a large scale and in the long run.”

    The study’s results reveal that the National Science Foundation, the primary funding agency for U.S. ecological research, is not supporting ecological research on synthetic chemicals. Compounding the problem – other U.S. government agencies and private foundations that once funded long term field research on these contaminants have had their budgets cut, or have redirected their funding streams to human health and lab-based studies that fall short of capturing natural complexity.

    Among the paper’s recommendations: accelerating synthetic chemical impact research by mobilizing increased funding, fostering collaboration among ecologists and ecotoxicologists to better predict and reduce environmental harm by synthetic chemicals, and launching an internationally-coordinated effort to assess how synthetic chemical pollution impacts the goals and targets of the Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC), the Intergovernmental Panel on Biodiversity and Ecosystem Services (IPBES), and the Sustainable Development Goals (SDGs).

    Rosi concludes, “In the 1960s, Rachel Carson’s Silent Spring sounded the alarm on the environmental dangers of synthetic chemicals. The problem hasn’t gone away, it’s only intensified, and we need to reawaken awareness. Synthetic chemicals are leading agents of global change and it’s essential that we invest in the research needed to understand and minimize their impacts.”

    Source: ChemEurope, 25 January 2017
    http://www.chemeurope.com/en/news/161537/synthetic-chemicals-ignored-agents-of-global-change.html

  • Low use of pesticides and antibiotics offer benefits for human health

    Low use of pesticides and antibiotics offer benefits for human health

    In a review of existing research, commissioned by a committee of the European Parliament, a group of European researchers has identified benefits of organic food production for human health. The researchers recommend the parliament to consider giving priority to certain organic production practices and their use also in conventional agriculture. This recommendation comes from a one-year study resulting in the report ‘Human health implications of organic food and organic agriculture’. The experts list several advantages of methods used in organic agriculture that benefit human health.
    The support of animal health and the restrictive use of antibiotics in organic animal production lead to a lower risk for the development of antibiotic resistance in bacteria, which is a major public health threat. Preventive measures of plant protection and restrictions of pesticide use in organic agriculture lead to a decreased pesticide exposure of consumers, with benefits for human health.

    The experts also conclude that slight differences in the content of nutrients and other beneficial compounds between conventional and organic foods likely have no major implications for human health. The work behind the report was coordinated by Assistant Professor Axel Mie, affiliated to both Karolinska Institutet and the Swedish University of Agricultural Sciences. His conclusion is clear:
    “Several practices in organic agriculture, in particular the low use of pesticides and antibiotics, offer benefits for human health”, he says in a press release from the Swedish University of Agricultural Sciences. “Policymakers should support the use of such practices and their introduction in conventional agriculture, and make sure that organic agriculture continues to serve as a laboratory for the development of future healthy food systems.”

    Read more at: https://medicalxpress.com/news/2017-01-agriculture-human-health.html#jCp

  • In het groene onderwijs is te weinig aandacht voor de biologische landbouw

    In het groene onderwijs is te weinig aandacht voor de biologische landbouw

    Terwijl de afzet van biologische producten explosieve groeicijfers laat zien en het aantal biologische bedrijven groeit, is er in het groene onderwijs nog altijd weinig aandacht voor de sector. Dat moet anders, zegt Bionext, de ketenorganisatie van de biologische landbouw, na een verkenning op basis van gesprekken met docenten uit het onderwijs en ondernemers uit de sector. “In veel opleidingen blijkt de ruimte voor biologisch nog heel beperkt. Er wordt weinig aandacht aan besteed, of de informatie is niet onbevooroordeeld. Dat maakt het voor studenten lastig om kansen te zien die biologisch biedt.”

    Die witte vlek in het onderwijs (vmbo, mbo en hbo) begint meer en meer een probleem te worden nu de sector groeit (Bionext: in 2016 circa 300 omschakelaars) en vergrijst. Er is daarom behoefte aan meer instroom van nieuwe deskundige krachten, zowel op de primaire bedrijven als in de dienstverlening. Bovendien melden zich steeds meer leerlingen in het groene onderwijs, die afkomstig zijn van een biologisch bedrijf. Daar ontdekken ze dat het onderwijsprogramma voornamelijk georiënteerd is op de gangbare landbouw.

    Behoudens de Warmonderhof in Dronten (mbo biologisch en biologisch dynamisch) is de aandacht voor de biologische landbouw gering. Om daar verandering in te brengen heeft Bionext het initiatief genomen om een netwerk op te richten waarin ze met docenten en bestuurders wil bewerkstelligen dat er in het groene onderwijs meer aandacht komt voor de biologische landbouw.

    De brancheorganisatie zet niet in op de ontwikkeling van aparte opleidingen, ze bepleit dat in het bestaande onderwijs meer aandacht komt voor de biologische landbouw. Alle leerlingen van agrarische opleidingen moeten hier zo in aanraking komen. En voor leerlingen die zich willen verdiepen, moeten in bestaande opleidingen modules (keuzedelen) worden ingebouwd met biologische landbouw als thema, aansluitend bij de nieuwe onderwijsopzet in het mbo (herziene kwalificatiestructuur) of minoren in het hbo.

    Opteren voor aparte opleidingen is eigenlijk trekken aan een dood paard. De opleidingen zouden klein worden en daar heeft het groene mbo er al te veel van. Bovendien zou bij de beoordeling voor een vereiste hbo-accreditatie een nieuwe opleiding sneuvelen bij de toetsing op de zogeheten macrodoelmatigheid, zegt projectmedewerker Udo Teunis van Bionext. “En je zet het biologische onderwijs daarmee apart. Het is maar de vraag of je dat moet willen.”

    Bionext wil dat niet. Integratie van de biologische landbouw in het reguliere onderwijs leidt tot kennisuitwisseling die beide sectoren verrijkt, zeker nu duurzaamheid in de gangbare landbouw en daarmee ook in het onderwijs een belangrijk thema aan het worden is. De inpassing draagt zo ook bij aan de acceptatie van de biologische sector in de gangbare landbouw. Want daar heeft het lang aan ontbroken, en dat is ook een van de oorzaken dat de sector in het groene onderwijs tot dusver zo weinig aan bod is gekomen, zegt regiodirecteur Meindert Jan Oostland van Terra, de groene school voor vmbo en mbo in Drenthe en Groningen.

    Terra is mede-initiatiefnemer van het netwerk en bood vorige week in Meppel onderdak aan de eerste bijeenkomst van het initiatief. In het auditorium van het mbo troffen Bionext en docenten uit vmbo, mbo en hbo elkaar. Er werd gebrainstormd en geïnventariseerd, met het doel om een bodem te leggen voor initiatieven. En er kwamen ideeën, zeggen Teunis en Miriam van Bree, manager kennis & innovatie van Bionext. “De mensen zijn enthousiast. Ze willen meepraten, helpen ontwikkelen. Daar kunnen andere docenten overigens nog bij aansluiten; het is netwerk is in ontwikkeling.”

    Verklaring voor de geestdrift is ook het gezamenlijk belang dat de biosector en de onderwijsinstellingen hebben; beide hebben er baat bij dat er meer leerlingen instromen in het groene onderwijs, dat voor de opdracht staat om meer arbeidskrachten af te leveren.

    Onder de aanwezigen in Meppel was Ali-Jetske Hoogland, docent van Van Hall Larenstein. Zij bereidt de opleiding biologische melkveehouderij voor, die met ingang van het volgende studiejaar van start gaat in Leeuwarden. Daarmee zet de hbo-instelling wel een aparte opleiding op poten voor de biologische landbouw. Er wordt begonnen met een tweejarige hbo-opleiding, een zogeheten associate degree. Het is de opmaat tot een bacheloropleiding biologische landbouw die Van Hall Larenstein aan het optuigen is in Leeuwarden, vertelt Hoogland. Met de vierjarige opleiding zoekt de hbo-instelling ook de verbreding voor de hele biologische landbouw.

    De hogeschool ziet dat er veel behoefte aan is. Voor de tweejarige AD-opleiding biologische melkveehouderij verwacht ze bij de start een instroom van 15 tot 25 leerlingen.

    Ook Hoogland, zelf afkomstig van een biologisch melkveebedrijf, schetst het beeld van een inhaalslag. “Ik heb zelf aan Van Hall Larenstein gestudeerd. Toen was er één module biologische landbouw. We zijn nu twintig jaar verder en er is qua aanbod nog niets veranderd.”

    Als de accreditatie rond is en het curriculum klaar, begint de hogeschool met de bacheloropleiding. Daarin zullen studenten naast kennisonderricht over specifieke thema’s van de biologische landbouw, worden geschoold in de hbo-competenties als (praktijkgericht) onderzoek. Maar in het onderwijs zal ook aandacht zijn voor andere kenmerken, zoals beroepshouding. In de biologische landbouw moet je creatief zijn en anders durven denken, zegt Hoogland. “Je moet durven pionieren.”

    Bron: Boerderij, 29-12-16
    http://www.boerderij.nl/Home/Achtergrond/2016/12/Bionext-meer-aandacht-voor-biologisch-in-onderwijs-75021E/

  • Aldi en Plus werken aan uitbreiding van het biologische assortiment

    Aldi en Plus werken aan uitbreiding van het biologische assortiment

    Ketens als Aldi en Plus werken aan uitbreiding van het biologische assortiment. Zo komt Aldi met drie soorten biologische diepvriesgroente. Aangezien het vriesvak in de winkels niet groter wordt, lijkt het om vervanging van gangbaar product te gaan. Plus gaat dit jaar zijn biologisch assortiment verdubbelen. Ook worden alle bio-producten voorzien van een nieuwe verpakking. Volgens Plus zijn de bio-producten niet duurder dan de reguliere varianten. Bio+ producten hebben over het algemeen dezelfde prijs als A-merkproducten of zijn zelfs iets goedkoper, stelt de supermarktketen. De verdubbeling betekent dat de Plus-klant in 2017 kan kiezen uit meer dan 1.500 biologische artikelen.

    Bron: Groenten en Fruit, 16-1-17
    http://www.gfactueel.nl/Home/Nieuws/2017/1/Supermarkten-breiden-biologisch-assortiment-uit-81537E/

  • Überlebenskampf für Großvögel im Rheintal

    Überlebenskampf für Großvögel im Rheintal

    Manch einer hält sie für die originelle Aktion eines Künstlers. Skulpturen, die regungslos am Rand viel befahrener Straßen im Rheintal stehen: graue, schlanke, grazile Vogelkörper. Doch es handelt sich dabei nicht um Kunstwerke von Menschenhand, sondern um echte Schöpfungen der Natur aus Fleisch und Blut: Graureiher (Ardea cinerea) und Silberreiher (Ardea alba, Syn.: Casmerodius albus, Egretta alba) „Ja, man sieht diese Vögel derzeit vermehrt an den Straßenrändern“, bestätigt Ornithologe Alwin Schönenberger (65), Intimkenner der Vogelwelt im Rheintal. Grund: Die Vögel, die sich normalerweise am Bodenseeufer oder im Bereich von Bächen aufhalten, finden dort keine Nahrung mehr. „Die Bäche, zum Beispiel, sind aufgrund des geringen Niederschlags ausgetrocknet. Daher gibt es dort kaum Nahrung“, erklärt Schönenberger. Auch Fische am Bodensee oder Fischabfälle von Berufsfischern, finden sich derzeit für die Vögel nicht. Die Folge: Sie weichen auf andere Gebiete aus. Und das sind Grünflächen abseits von Gewässern. Auf diesen Flächen suchen die Reiher nach Mäusen. „Das Problem ist derzeit, dass diese Grünflächen verschneit sind. Deshalb ist es sehr schwierig, Mäuse zu finden“, weiß Schönenberger. Wenn überhaupt, so finden die Reiher Mäuse am Straßenrand. „Dort gibt es noch schneefreie Streifen. Deswegen sind die Vögel für Autofahrer auffallend häufig von der Straße aus zu sehen.“ Auch dass sie sich dabei kaum bewegen, hat einen Grund. „Jede unnötige Bewegung kostet die Tiere Energie. Deshalb stehen sie oft völlig regungslos da und bewegen sich nur dann, wenn sie wirklich müssen“, so Schönenberger. Das Nahrungsangebot ist derzeit so knapp, dass die Vögel nach und nach Richtung Süden und Westen fliegen, obwohl sie gewöhnlich hier überwintern. Am Mittwoch registrierte Schönenberger einen deutlichen Rückgang der Population im Rheintal. Dort halten sich übers Jahr circa 40 Graureiher auf. 40 weitere leben im Walgau.
    Quelle: Vorarlberger Nachrichten, 11.01.17
    http://www.vn.at/lokal/vorarlberg/2017/01/11/ueberlebenskampf-fuer-grossvoegel-im-rheintal.vn

  • Feldlerchen-Brutbestand rund um Büscherheide bricht ein

    Feldlerchen-Brutbestand rund um Büscherheide bricht ein

    Wer kennt ihn nicht, den unermüdlich und in großer Höhe über den Feldern singenden Vogel? Die Feldlerche (Alauda arvensis), deren Gesang Generationen erfreute, zählte noch um 1990 zu den charakteristischen Vogelarten der heimischen Region. Doch ist es damit bald vorbei? Untersuchungsergebnisse der Stiftung für Ornithologie und Naturschutz (SON) lassen diese Frage nicht gänzlich übertrieben erscheinen.Mitarbeiter der SON hatten 2016 eine rund 7000 Hektar umfassende Probefläche im Bereich der Ortschaft Büscherheide, die gleichermaßen Flächen der Gemeinde Bad Essen und der Stadt Melle umfasst, auf den Besatz von Feldlerchen-Revieren untersucht. Aufgrund eines aufwendigen Auswertungsverfahrens liegen die Ergebnisse dieser Bestandserfassung erst jetzt vor: Lediglich 62 Reviere konnten von der SON ermittelt werden. „1990 siedelten auf der gleichen Fläche noch 297 Feldlerchen-Paare. Das entspricht einem Bestandsrückgang von 79,1 Prozent. Er fällt damit erschreckend umfassender aus als der Rückgang, den die SON 2014 für eine weitere Feldvogelart – den Kiebitz – dokumentiert hat. Er nahm zwischen den 1990er Jahren und 2014 um 42 Prozent ab“, berichtete Florian Seifert, Vorstandsmitglied der Stiftung.
    Quelle:
    Osnabrücker Zeitung, 27.12.16
    http://www.noz.de/lokales/bad-essen/artikel/827003/feldlerchen-brutbestand-rund-um-buescherheide-bricht-ein#

  • In Deutschland werden 6,5 Prozent der landwirtschaftlichen Fläche biologisch bewirtschaftet

    In Deutschland werden 6,5 Prozent der landwirtschaftlichen Fläche biologisch bewirtschaftet

    Bioland, der bedeutendste Verband für ökologischen Landbau in Deutschland, verzeichnet für das Jahr 2016 Rekordzuwächse. Die Mitgliederzahl stieg um 626 auf 6861 Betriebe. Bioland-Bauern bewirtschaften mittlerweile 343’489 Hektaren. Das entspricht einem Plus von 38’560 Hektaren und damit 12,6 Prozent gegenüber dem Vorjahr. Die Politik müsse die Rahmenbedingungen für den Biolandbau deutlich verbessern, fordert der Verband in einer Mitteilung. Nur so könne der Wunsch der Konsumenten nach mehr Bio-Lebensmitteln aus Deutschland erfüllt werden. Zudem werden mehr Mittel für die Bioforschung verlangt sowie eine Abgabe auf mineralische Stickstoffdünger und synthetische Pestizide gefordert.

    In Deutschland werden 6,5 Prozent der landwirtschaftlichen Fläche biologisch bewirtschaftet.

    – See more at: http://www.bauernzeitung.ch/news-archiv/2016/mehr-bio-bauern-in-deutschland/#sthash.1eW3avbQ.dpuf

  • Neonicotinoidi, le lobby dei pesticidi all’assalto di Bruxelles

    Neonicotinoidi, le lobby dei pesticidi all’assalto di Bruxelles

    I colossi dell’agrochimica tornano all’assalto di Bruxelles per salvare i loro prodotti a base di neonicotinoidi. Nel 2013 l’Agenzia europea per la sicurezza alimentare (EFSA) aveva puntato il dito contro il thiamethoxam (prodotto da Syngenta), il clothianidin e l’imidacloprid (entrambi prodotti da Bayer) nel caso di applicazione spray sulle colture. L’Agenzia Ue con sede a Parma aveva poi concluso in uno studio del 2015 che «sono stati identificati gravi rischi o non è stato possibile escluderli». Tutte sostanze di cui l’Ue aveva già ristretto l’uso in via precauzionale, uno stop che in questi mesi è soggetto a revisione. Bayer e Syngenta non restano a guardare. Ieri hanno recapitato a Bruxelles uno studio (condotto per loro conto da HFFA Research GmbH) sulle ricadute economiche e ambientali della decisione dell’Ue centrato sulla coltivazione della colza. Stando al rapporto, il bando di quei tre neonicotinoidi sarebbe già costato 900 milioni di euro l’anno tra raccolti perduti e minor resa per unità di terreno. La conseguenza, si legge nel report, è che l’Ue dovrà compensare sfruttando a colza altri 533mila ettari di terra fuori dall’Europa. Segue l’elenco dei costi: 80 mln di t di emissioni di CO2 in più, più di 1 mld di mc di acqua consumata, perdita di biodiversità a causa della conversione delle terre all’uso agricolo. “Neonicotinoidi,Temi che, normalmente, non sono certo in cima alla lista delle priorità per Bayer e Syngenta. Si tratta semplicemente di una pesante azione di lobbying, replicano da Pesticide Action Network (PAN), rete di Ong che si battono contro l’uso dei pesticidi. Secondo Pan le informazioni fornite sono fuorvianti, perché da 3 anni i raccolti degli agricoltori europei sarebbero stabili. L’unico scopo sarebbe quindi quello di influenzare la Commissione e i parlamentari europei. All’attacco di Bruxelles si starebbero muovendo anche la European Crop Protection Association, la European Seed Association e la Copa-Cogeca. Quello che è certo è che la strategia di Bayer e Syngenta non punta più a dimostrare che i neonicotinoidi non sono dannosi, ma ha virato sulla tesi economica, più allettante per chi, come le istituzioni Ue e quelle nazionali, hanno bisogno di far quadrare i bilanci a fine anno. D’altronde anche gli studi mai pubblicati condotti dai colossi dell’agrochimica confermano i danni. Dopo averne ottenuto copia pochi mesi fa, Greenpeace aveva svelato che i dati contenuti in quelle ricerche segrete smentiscono completamente le loro affermazioni pubbliche: i pesticidi danneggiano gravemente api e impollinatori. Proprio Greenpeace risponde oggi con un altro studio, condotto da ricercatori dell’Università del Sussex, che analizza tutte le ricerche scientifiche condotte negli ultimi 3 anni sui neonicotinoidi. Il risultato è che questi pesticidi sono un pericolo non solo per le api e altri impollinatori, ma anche per le farfalle e per molte specie di insetti acquatici.
    Source: Repubblica, 24-1-17
    http://www.repubblica.it/news/ambiente/rep_rinnovabili_neonicotinoidi-lobby-pesticidi-assalto-222.html

  • De biologische veeteelt groeit sterk in Nederland

    De biologische veeteelt groeit sterk in Nederland

    Het areaal biologische landbouw is in vijf jaar met bijna 10% toegenomen naar ongeveer 52.000 hectare. Het aantal bedrijven nam eveneens toe met 2% naar ruim 1.400. Dat blijkt uit cijfers van het CBS. Het hardst groeide het aantal pluimveebedrijven met 65% ten opzichte van 2011. Het aantal biologisch gehouden kippen steeg van 2011 tot en met 2016 met bijna twee derde naar meer dan 3 miljoen. Dat is 3% van alle Nederlandse kippen, becijferde het CBS maandag. Het aantal bedrijven dat zich bezighield met de biologische pluimveehouderij steeg in de afgelopen vijf jaar met 24%. Ook het biologische melkvee nam de afgelopen vijf jaar flink toe met 54%. Het CBS telde in 2016 (voorlopige cijfers) 549 biologische melkveehouders, 42 meer dan in 2011. In totaal groeide de biologische rundveestapel naar bijna 70.000 dieren. Dat is 2% van de totale aantal melk- en kalfkoeien in Nederland. De groei van de biologische rundveehouderij is ook merkbaar in de toename van het areaal biologisch grasland met ruim 10%. Uit de CBS-cijfers blijkt ook dat het aantal runderen, dat in de fase van omschakeling naar biologische landbouw zit, is gegroeid. In twee jaar tijd, van 2014 tot en met 2016, vond daar een vertienvoudiging van het aantal dieren plaats. Verder groeide ook het aantal biologische geiten met 43% naar 35.947 en varkens met 27% naar 73.280 dieren. De omvang van de biologische schapenstapel nam van 2011 tot en met 2016 juist af met 35%.

    Het aantal biologische akkerbouwbedrijven groeide met ruim 4% de afgelopen vijf jaar. In 2016 goed voor 10.000 hectare, 2% meer dan in 2011. Het aantal bedrijven met biologische tuinbouw nam eveneens toe. Vooral de biologische tuinbouw op open grond groeide; daar werd uitgebreid met 43%.

    Bron: Boerderij, 23-01-17
    http://www.boerderij.nl/Home/Nieuws/2017/1/Meer-biologische-kippen-en-melkvee-84893E/?cmpid=NLC|boerderij_vandaag|2017-01-23|Meer_biologische_kippen_en_melkvee