2024 begon met een schaars stukje positief boerenlandvogelnieuws: Vogelbescherming Nederland meldde dat het grutto-broedseizoen van 2023 net voldoende jongen opleverde om de populatie stabiel te houden – een kanttekening bij decennia van neergang, geen ommekeer. Die voorzichtige toon paste bij een jaar waarin de Europese politiek een stap terug deed: in februari kondigde Commissievoorzitter Von der Leyen aan dat de Sustainable Use Regulation – het voorstel om pesticidegebruik voor 2030 te halveren – wordt ingetrokken, nadat het Europees Parlement het al had verworpen.
Toch stond de rest van het jaar niet stil. Het Ctgb trok de toelating van vijftien glyfosaatmiddelen in, waaronder verschillende Roundup-varianten, en de Tweede Kamer nam een motie aan om glyfosaat van de markt te halen zolang gezondheidsrisico’s niet zijn uitgesloten. Onderzoek naar de doodsoorzaak van bijenvolken uit de winter 2022-2023 vond in de monsters tot 35 verschillende bestrijdingsmiddelen, en in de landbouw groeide de zorg over PFAS in gewasbeschermingsmiddelen.
Het meest fundamentele bericht van het jaar kwam van eigen bodem: onderzoekers van Wageningen University & Research analyseerden bijna vijftig studies over twaalf vogelsoorten en concludeerden in Ecology Letters dat neonicotinoïden zonder uitzondering alle onderzochte aspecten van het vogelleven negatief beïnvloeden – overleving, voortplanting en gedrag. Dat zulke stoffen zelfs via alledaagse producten je tuin in komen, bleek uit onderzoek van Pesticide Action Network: acht van de negen geteste vogelvoerproducten in Nederlandse winkels bevatten pesticiden. Het WWF sloot het jaar af zoals inmiddels gebruikelijk: het Living Planet Report 2024 registreerde een afname van 73 procent in wilde diersoorten wereldwijd sinds 1970 – vier procentpunt slechter dan twee jaar eerder.